ONCS 2006

Ascension Day and the day after are that time of year when the Dutch undergrad (Bachelor and Master) students in chemistry and related fields come together for two days of sports, parties and a big lack of sleep. This event is known as the ONCS (pronounce: onx): the Open Nederlandse Chemie Sportdagen, or Open Dutch Chemistry Sports Days. This year, about 400 students from across the country (and a dozen or so from Germany) came together in the city of Nijmegen to compete in badminton, beach volleyball, darts, frisbee, handball, hockey, soccer, tennis, table tennis, volleyball, and some “non-sports” like chess and Trivial Pursuit. Some recent graduates (such as myself) also come along.

The weather is supposed to be very good all the time, but we were unlucky this year. Except for maybe two minutes of sunshine on the first day, it was overcast all the time. Even worse, we got some showers on day one and it was pouring down almost continuously on day two. I played beach volleyball and I’ll tell you, it’s more fun when the sun is shining! It was so bad the second day that we moved indoors, substituting the wet sand for a normal volleyball court. We ended up in sixth place out of eight teams, but it should be noted that we had a two-man team and all the other teams had three players. (Normal beach volley is two vs. two, but for this tournament teams of three were also allowed.) If we’d had a third player, we’d probably have ended in third place.

Note to self for future games: the fence and concrete base around the sand court are not to be slammed into with any decent force, unless I want another bruised hand and bruised/bleeding knee. Fortunately I could play on without any real trouble.

I didn’t stay around until the awards ceremony, so I’m not sure where we ended with our university. Based on the results I heard, I’d say around seventh out of eleven.

[Update (May 29th, 2006): Apparently, we ended in sixth place. Even better!]

8 + 8 = klaar!

Deze week is de introductieweek op de VU: een paar duizend studenten die elkaar en de universiteit leren kennen en zich zo klaarmaken voor een nieuwe stap in hun leven. In 2000 was die stap er voor mij ook. Vandaag, bijna exact vijf jaar later, is er een einde gekomen aan wat ik toen begon. Met een succesvol verlopen afsluitende presentatie over mijn hoofdvakstage heb ik het laatste gedaan wat nodig was om een diploma te krijgen. Samen met het verslag en het onderzoekswerk zelf heb ik er een 8 voor gekregen. Ik had op een half puntje hoger gehoopt, maar ik ben blij met die 8 en denk dat het een terecht cijfer is.

Ook voor m’n scriptie en colloquium (literatuurstudie met bijbehorend praatje) heb ik vandaag het cijfer gekregen: eveneens een 8, waar ik net zo blij en tevreden ben als met die andere.

In die vijf jaar heb ik in totaal acht keer een 8 geproduceerd. Daaronder zaten vier keer een 7,5 en twee keer een 7. Aan de andere kant had ik (schrik niet) acht keer een 8,5, zeven keer een 9, acht keer een 9,5 en vijf keer een 10. Met een gewogen gemiddelde van maar liefst een 8,6 bleek de universiteit precies zo moeilijk te zijn als het VWO, want ook daar stond ik op m’n eindlijst gemiddeld een 8,6.

Op de een of andere manier had ik naast het behalen van die cijfers ook nog tijd over voor andere dingen, zoals iedereen die mij via de VCSVU kent wel weet. En ik moet zeggen: zonder de VCSVU was mijn studie lang niet zo leuk geweest en was ik ook nooit zo gemotiveerd geweest om het tot een mooi einde te brengen. Gelukkig geniet de VCSVU nog altijd veel steun van zowel de studenten als de docenten, want de vereniging is werkelijk een groot pluspunt voor de opleiding. Hulde aan iedereen die zich er momenteel voor inzet of dat ooit heeft gedaan. Dank ook aan diegenen die mij in m’n tweede jaar bij de vereniging hebben betrokken, waarbij ik Danièle en Petra even bij naam moet noemen. Het was Evert-Jan die van mij een actief lid maakte, maar zij hebben een echte VCSVU’er van me gemaakt.

Hoewel ik aan de ene kant ontzettend blij ben dat ik nu klaar ben aan de VU, vind ik het aan de andere kant ook wel erg jammer. Tenslotte heb ik in die vijf jaar een hoop vrienden gemaakt. Een paar daarvan zijn al vertrokken, de rest moet ik nu achterlaten. Gelukkig is Leiden niet zo ver weg, maar lunchen op M1 of in de VCSVU-kamer zal er niet meer bij zijn. Ach, laat ik het positief houden en dat gemis dan maar beschouwen als teken van hoe leuk ik het op de VU heb gehad.

Bedankt, allemaal! Ik hoop dat we, ondanks mijn vertrek, nog tot in lengte van dagen zoveel lol zullen hebben als de afgelopen jaren.

Weekje Belgische Ardennen

Lekker hoor, even een weekje op vakantie. Samen met Danièle, Ron, Dianne, Galvin, Philip, Petra en Michiel heb ik zeven nachten gebivakkeerd (oftewel: luxe geleefd) in een huis in het dorpje Noiseaux, nabij de iets minder kleine plaats Hotton, in de Belgische Ardennen. Bij aankomst vorige week vrijdag kwam de regen met bakken uit de hemel, maar het klaarde al snel op. De rest van de tijd was het goed weer, afgezien van nog een onweersbui ergens halverwege de week.

Zondag zijn we met z’n vieren naar het stadje Durbuy gegaan, waar ik vijf jaar geleden ook al eens met familie was geweest. Toen hebben we er geklommen en geluncht, nu gewandeld en ijs gegeten… en dat was heel erg lekker ijs! Maandag hebben we een kayaktocht van vijftien kilometer gedaan, onder een dusdanig zonnige hemel dat zelfs Petra iets van een bruine kleur kreeg. Woensdag stond een bezoek aan de stad La Roche-en-Ardenne op het programma, waar we een kasteelruïne, ijswinkel en friterie hebben bezocht. Donderdag zijn we nog even naar de rivier gegaan om onze dam af te maken en te kijken hoe passerende kayaks daar vervolgens langs/overheen gingen.

Tussendoor hebben we veel niks gedaan, afgewisseld met een hoop eten, drinken, Muppet Show, Living with Fran, Kolonisten van Catan, Carcassonne, Boonanza, Coloretto, badminton, en nog meer eten en drinken. Het is maar goed dat Galvin net z’n rijbewijs had gehaald, dan hoefde Dianne tenminste niet steeds mee.

En een vakantie zou geen vakantie zijn zonder foto’s, die natuurlijk terug zijn te vinden in mijn fotoalbum.

ONCS: rustig en alweer leuk

Twee dagen na dato is de spierpijn weggezakt en het slaaptekort aangevuld. De enige resterende fysieke herinnering aan de ONCS 2005 is een blauwe plek op m’n scheen.

Als ik één woord zou moeten kiezen om te beschrijven hoe ik de ONCS heb ervaren, dan zou dat ‘rustig’ zijn. Er waren duidelijk minder deelnemers dan vorig jaar en het leek alsof de aanwezige studenten minder luidruchtig waren. Bij eerdere ONCS’en werd de slapzaal bijvoorbeeld altijd een paar keer opgeschrikt door verenigingsliederen (met name Japie en Alembic), maar die heb ik nu niet gehoord. (Kan natuurlijk ook zijn dat ik oud word en er gewoon doorheen ben geslapen.)

Het lagere aantal deelnemers uitte zich ook in het kleinere aantal wedstrijden dat de meeste teams moesten spelen. Omdat het daarbij lang niet zo warm was als vorig jaar, was het sporten op zich beter uit te houden. Hoewel… ik speelde mee bij zowel frisbee als voetbal, en al dat rennen wordt na een tijdje toch vervelend.

Met voetbal hebben we alles verloren en met frisbee hebben we alleen de laatste wedstrijd (tegen het ACD) gewonnen. In totaal was de VCSVU zesde van de acht, net onder Proton en net boven het ACD. Aangezien het altijd onze doelstelling is om beter te eindigen dan onze collega’s van de UvA, zijn we met die uitslag natuurlijk ruim tevreden.

Iedereen vond het feest donderdagavond erg leuk, en aangezien ik er zelf niet ben geweest, zal ik dat niet tegenspreken. Rolf had namelijk een spier verrekt en kon nauwelijks staan, Nanda had hoofdpijn, Maaike had het benauwd en ik had honger, dus in plaats van naar het feest zijn we maar naar het station gegaan om wat te eten. Ook dat droeg natuurlijk bij aan een rustige ONCS, want we waren een van de eersten die gingen slapen.

Al die (betrekkelijke) rust betekent natuurlijk niet dat de ONCS niet leuk waren. Integendeel! Het sporten ging niet altijd even goed, maar was over het algemeen heel sportief en gezellig. Het weer was een stuk beter dan verwacht: redelijk wat zon in plaats van redelijk wat regen. Het feest hebben we dan wel gemist, maar ook nu hadden we een leuke avond. Al met al heb ik dus een prima tijd gehad. Dank aan de organisatie voor de organisatie, en dank aan alle gezellige aanwezigen voor hun gezellige aanwezigheid!

Koninginnedag

Koninginnedag 2005 in het kort: lang, gevarieerd en ontzettend leuk. Het uitgebreidere verslag…

03.30u: De wekker gaat. Dianne en ik zijn redelijk wakker, al vragen we ons ernstig af waarom we zo vroeg al opstaan. We besluiten Philip en Galvin de schuld te geven en kleden ons snel aan.

04.05u: De spaanplaat die een belangrijk onderdeel van het kraampje moet worden blijkt weliswaar in Diannes auto te passen, maar dan is er geen ruimte meer voor drie personen. Gelukkig ben ik met een iets grotere auto, waar net wel drie zitplaatsen overblijven na het inladen van (bijna) alle spullen.

04.20u: Wij vertrekken, een eenheidsgenoot komt net thuis.

04.40u: Het traject Uilenstede-Diemen is succesvol en zonder omwegen afgelegd. Philip is ook wakker en voegt zich bij ons met vier klapstoeltjes en zijn gebruikelijke goede humeur.

05.15u: We worstelen ons tussen de laatste Koninginnenachtvierders door en kunnen, tot vooral Philips verbazing, helemaal doorrijden tot aan het Muntplein. Na overleg met een politieagent aldaar maken we een U-bocht midden op het Muntplein (tussen de politiebusjes door), keren bij de Herengracht nogmaals en zetten de auto voor Pathé de Munt neer. Andere kraamhouders hebben de stukjes tape in de vorm “Gereserveerd – Philip” keurig gerespecteerd.

05.20u: De schragen blijken nog op Uilenstede te liggen, en zonder schragen natuurlijk geen kraam. Dianne en ik laten Philip achter in gezelschap van de spaanplaat en rijden terug naar Uilenstede.

05.45u: De snelste route vanaf het Muntplein naar Uilenstede voert niet via de A2 en de A10 ten oosten van de A2. Onze route wel. De schragen worden ingeladen, evenals de zak Chup-a-Chups die we ook hadden laten liggen. We vergeten het papier en de stift voor de prijskaartjes, maar dat blijkt geen probleem te zijn.

06.00u: Het laatste uitgangspubliek is verdwenen en overal wordt druk gewerkt aan kramen en stands van verschillende vorm en grootte. Philip is nog steeds wakker (of wordt dat net op tijd weer). We laden alles uit en terwijl Philip en Dianne de kraam opbouwen, rij ik naar de Stadhouderskade om de auto te parkeren.

06.30u: We begonnen met de kraam op de stoep, maar gezien de positie van de omliggende kramen schuiven we toch maar iets de straat op. Philips oneindige binnenzak bevatte nog een notitieblokje en pen, zodat Dianne de prijskaartjes kan schrijven. Alles wordt vakkundig aan elkaar vastgetapet.

07.00u: Onze kraam is klaar. In de verkoop: gele en bruine M&M’s, drie soorten Doritos Bits, gevulde en appelkoeken, blauwe en rode Aquarius [geen witte, zoals oorspronkelijk vermeld], grote bussen Pringles, Mentos Red Orange, grote en kleine glow-in-the-dark-sticks, Chup-a-Chups en vijf soorten zakjes chips. Links van ons staat een metalen raamwerk, voorlopig zonder inhoud. Rechts staat een kartonnen doos, kort daarvoor aangevoerd door een wat onprettig ogend mannetje wiens polsen niet recht zijn, maar een hoek maken van negentig graden.

07.10u: We schuiven nog maar een stuk naar voren, teneinde niet geheel te verdwijnen achter de steeds groter groeiende kraam links. Ter versteviging (en om iets te doen te hebben) wordt nog wat tape aangebracht. Galvin is inmiddels ook wakker, maar is nog in Dronten vanwege rijles. Hij zal aan het eind van de ochtend op het Muntplein aankomen.

07.20u: Onze eerste verkoop! De hotdog- en satékraam van even verderop komt twee zakjes M&M’s halen.

08.30u: De kraam rechts is uitgebreid met enkele kartonnen dozen, waaroverheen een wit kleed is gelegd. De koopwaar: oranje sjaals, hoeden en andere troep. Het geheel oogt armoedig. De kraam links wordt langzaam volgehangen met Spaans/Mexicaanse kleding en prullaria.

08.40u: Ik laat Dianne en Philip achter en wandel richting Centraal. De Kalverstraat is ontzettend stil, op de laatste vijftig meter voor de Dam na. Het Damrak is al redelijk vol met kramen en publiek.

09.15u: Michiel, Susanne, Tamarah, Lisette en Mark zijn gearriveerd. Er worden hoedjes gevouwen van de Metro en snel weer weggegooid, waar Lisette later spijt van krijgt als ze hoort dat er vijf miljoen mee viel te verdienen. We lopen via de Nieuwezijds en het Spui naar het Muntplein. De Vie (fruitdrank) die bij de kruising met de Raadhuisstraat wordt uitgedeeld is raar spul: hoe hard je ook schudt voor het openmaken, onderin blijft het lekkerst.

10.30u: Via Rokin, Dam, Raadhuisstraat en Rozengracht komen we in de Jordaan, waar een heel gezellige sfeer hangt. We kopen een onmogelijk grote suikerspin.

11.00u: Plaspauze op het Leidseplein. Lisette is helemaal weg van het verfrissende luchtje dat in de toiletten hangt. Bij gebrek aan handdoeken gebruiken we elkaars T-shirt. Tamarah geeft de voorkeur aan m’n jas.

11.30u: Het Vondelpark zit en staat vol met drummende, dwarsfluitende, blokfluitende, viool spelende en oude spullen verkopende kinderen plus bijbehorende ouders. Mijn groepsgenoten hebben het plan me aan iemand te koppelen in de singlesbar (of hoe dat ding ook heet) waarover ze in de Metro hebben gelezen, maar een serieuze poging om die bar zelfs maar te vinden wordt niet ondernomen.

13.00u: Jacob voegt zich bij ons en met z’n zevenen zetten we koers naar het Museumplein, waar we een flinke stapel opblaaskronen in ontvangst nemen. We komen Franka tegen en Tamarah, Susanne en ik blijven bij haar op het Museumplein. De andere vier lopen naar de Albert Cuyp.

15.00u: We hebben genoeg van de slechte artiesten op het Museumplein. Helaas ligt het mobiele belverkeer inmiddels vrijwel volledig plat, dus Tamarah, Susanne en ik vertrekken op de gok richting de Albert Cuyp. Daar blijkt eigenlijk niets te doen te zijn, dus we gaan maar ijs eten. Lisette laat via sms weten dat zij weer op het Museumplein zijn, dus wij weer die kant op.

16.30u: Tamarah en Susanne gaan weer naar huis, zodat Lisette overblijft met Jacob, Mark, Michiel en ik. Uiteindelijk besluiten ook wij maar eens weg te gaan.

17.30u: De plaspauze op het Leidseplein gaat niet door omdat de toiletten net worden gesloten. Dan maar geen lekkere geurtjes, maar ook geen natte T-shirts.

18.30u: Bij het Muntplein scheid ik me van de anderen om me weer bij Dianne en Philip te voegen, die een uur of zeven eerder al gezelschap hadden gekregen van Galvin. Nanda is ‘s middags ook nog een paar uur geweest. De verkoop is redelijk gegaan, maar er is nog veel over. De prijzen zijn gedaald sinds half negen.

19.15u: Ik haal voor vier euro een portie saté. Tien minuten later haalt Galvin een portie saté voor twee zakjes M&M’s, ter waarde van één twintig.

19.30u: De beste verkoop van de dag: ik had wat van die opblaaskronen meegenomen en Galvin heeft er een op z’n hoofd. Een passant vraagt wat dat ding kostte en Galvin antwoordt vijf euro. De passant koopt de kroon voor tien euro en zal later wel ontdekt hebben dat hij daarmee tien euro te veel heeft betaald.

19.45u: Onze scheefgepolste rechterbuurman verkoopt zijn laatste feesthoed voor een bedrag dat zo hoog is omdat hij voor zijn laatste hoed een goeie prijs wil vangen. De koper is nauwelijks verdwenen, of de verkoper legt een nieuwe laatste hoed in zijn kraam.

20.00u: Niels en Stijn komen langs en ontdoen ons van een stapeltje M&M’s en Doritos Bits. Bovendien doneren ze een toeter, waarmee we ruime tijd grote lol hebben.

20.05u: De buurman rechts prijst zijn waren aan voor drie vijftig. Een Japanner vraagt in het Engels naar de prijs van een sjaal en moet vijf euro neertellen. Standhouders zijn geldwolven, toeristen zijn dom.

20.30u: We verkopen niets meer en pakken de overgebleven spullen in. De chips zijn goed voor het weekendje Maastricht, de M&M’s, Doritos en koeken gaan naar de snoepla. Voor de light sticks hebben we nog geen bestemming, maar die vinden we in de loop van de avond nog.

21.15u: Alles ligt in de auto en we zijn terug bij Pathé de Munt, waar we kaartjes kopen voor The Interpreter. Beladen met chips, popcorn, M&M’s, drank en kleine light sticks zoeken we de beste zitplaatsen. De drankjes worden voorzien van light sticks, zodat we ze straks in het donker ook nog kunnen vinden.

0.00u: We zijn niet in slaap gevallen tijdens de film, die weliswaar een goed verhaal had, maar wat erg serieus en traag was. Philip laat de overgebeleven light sticks vallen en activeert ze daarmee bijna allemaal. Hij neemt de gele en rode mee voor verlichting op z’n fiets en gaat naar huis. Dianne, Galvin en ik rijden met de auto naar Uilenstede. We rijden dit keer niet om via de A2 en de A10, maar via het Museumplein. Het is kennelijk lastiger om van het Muntplein naar Uilenstede te rijden dan andersom.

0.30u: Bij het uitladen van spullen vallen de grote light sticks op de grond en worden vervolgens gebruikt als decoratie in de kamer van Dianne en Galvin. Hoewel ik natuurlijk nog slaapspullen daar heb, ga ik toch maar naar huis.

1.30u: Ik val in slaap na m’n langste en leukste Koninginnedag ooit.