X.63.X.X.X.X.9-.X.X.8/9

How’s that for an amateur in a game of bowling?

I was at a bowling alley with two friends for two hours last Friday, playing a total of six rounds. We were having a lot of fun and I was posting some decent scores throughout the first five games, but nothing too remarkable. The best I got was 153, just below my all-time high of 155.

To make things more interesting, the bowling alley was handing out Flügels for every strike thrown in the last fifteen minutes of each hour. (A Flügel is a mix of Red Bull and vodka. They come exclusively in 20-ml shot bottles.) We got five of them the first time and of course we wanted to get some more the second time.

Two or three minutes before the second Flügel-for-a-strike round, I was up for the last frame in our fifth game. I needed a couple of good shots for a chance to win. With three strikes, I couldn’t have done better. My one friend followed up with two more strikes, but couldn’t get all pins down with his last throw. Unfortunately, none of those five strikes got us any Flügels.

The start of our sixth game coincided with the start of the second Flügel round. I was up first and started off perfectly with a strike for the fourth one in a row. It’s not often that I get three or even two strikes in a row, so that was kind of nice. And of course it got us a Flügel.

In the next frame, I missed my chance for five strikes in a row, settling instead for six and three pins. I got another strike in frame three for another trip to the bar to get a Flügel. From there on, I pretty much split time between throwing strikes and walking between our lane and the bar. I missed in the seventh frame, much to the disappointment of the bar people, who by now were watching our lane closely. Fortunately, I got two more strikes in frames eight and nine. I had a chance to finish the game in style, but one pin sadly wouldn’t cooperate on my last shot.

Still, I suppose seven strikes in ten frames isn’t bad. Even better, I threw ten strikes in twelve attempts from the last frame of game five through the ninth frame of game six. Usually, I need four or five games to get ten strikes.

At the end of it all, the three of us had fifteen Flügels from those two times fifteen minutes. My final score in game six was 212. Just to boast a little bit more: that’s 16 points above the average score in the 2006 World Men’s Championship.

Third weekend: Columbus, Cleveland and the countryside

I’ve been involved in an online writing community since 2000. Two of the friends I’ve made there live in Ohio: T. some distance south of Columbus, and A. in an eastern suburb of Cleveland. I had the great pleasure of visiting both of them this weekend.

Steve was kind enough to drive me to Newark on Saturday, where I picked up a rental car. I met T. and M., a friend of hers, at the Franklin Park Conservatory. This is a botanical garden, but they also have several indoor biomes. (Given the time of year, there wasn’t anything of interest to see in the outdoors part.) The place is set up really nice and it’s very diverse. I’ll add a few photos to give you an idea:

IMG_5457

[Click to continue reading…]

8 + 8 = klaar!

Deze week is de introductieweek op de VU: een paar duizend studenten die elkaar en de universiteit leren kennen en zich zo klaarmaken voor een nieuwe stap in hun leven. In 2000 was die stap er voor mij ook. Vandaag, bijna exact vijf jaar later, is er een einde gekomen aan wat ik toen begon. Met een succesvol verlopen afsluitende presentatie over mijn hoofdvakstage heb ik het laatste gedaan wat nodig was om een diploma te krijgen. Samen met het verslag en het onderzoekswerk zelf heb ik er een 8 voor gekregen. Ik had op een half puntje hoger gehoopt, maar ik ben blij met die 8 en denk dat het een terecht cijfer is.

Ook voor m’n scriptie en colloquium (literatuurstudie met bijbehorend praatje) heb ik vandaag het cijfer gekregen: eveneens een 8, waar ik net zo blij en tevreden ben als met die andere.

In die vijf jaar heb ik in totaal acht keer een 8 geproduceerd. Daaronder zaten vier keer een 7,5 en twee keer een 7. Aan de andere kant had ik (schrik niet) acht keer een 8,5, zeven keer een 9, acht keer een 9,5 en vijf keer een 10. Met een gewogen gemiddelde van maar liefst een 8,6 bleek de universiteit precies zo moeilijk te zijn als het VWO, want ook daar stond ik op m’n eindlijst gemiddeld een 8,6.

Op de een of andere manier had ik naast het behalen van die cijfers ook nog tijd over voor andere dingen, zoals iedereen die mij via de VCSVU kent wel weet. En ik moet zeggen: zonder de VCSVU was mijn studie lang niet zo leuk geweest en was ik ook nooit zo gemotiveerd geweest om het tot een mooi einde te brengen. Gelukkig geniet de VCSVU nog altijd veel steun van zowel de studenten als de docenten, want de vereniging is werkelijk een groot pluspunt voor de opleiding. Hulde aan iedereen die zich er momenteel voor inzet of dat ooit heeft gedaan. Dank ook aan diegenen die mij in m’n tweede jaar bij de vereniging hebben betrokken, waarbij ik Danièle en Petra even bij naam moet noemen. Het was Evert-Jan die van mij een actief lid maakte, maar zij hebben een echte VCSVU’er van me gemaakt.

Hoewel ik aan de ene kant ontzettend blij ben dat ik nu klaar ben aan de VU, vind ik het aan de andere kant ook wel erg jammer. Tenslotte heb ik in die vijf jaar een hoop vrienden gemaakt. Een paar daarvan zijn al vertrokken, de rest moet ik nu achterlaten. Gelukkig is Leiden niet zo ver weg, maar lunchen op M1 of in de VCSVU-kamer zal er niet meer bij zijn. Ach, laat ik het positief houden en dat gemis dan maar beschouwen als teken van hoe leuk ik het op de VU heb gehad.

Bedankt, allemaal! Ik hoop dat we, ondanks mijn vertrek, nog tot in lengte van dagen zoveel lol zullen hebben als de afgelopen jaren.

Weekje Belgische Ardennen

Lekker hoor, even een weekje op vakantie. Samen met Danièle, Ron, Dianne, Galvin, Philip, Petra en Michiel heb ik zeven nachten gebivakkeerd (oftewel: luxe geleefd) in een huis in het dorpje Noiseaux, nabij de iets minder kleine plaats Hotton, in de Belgische Ardennen. Bij aankomst vorige week vrijdag kwam de regen met bakken uit de hemel, maar het klaarde al snel op. De rest van de tijd was het goed weer, afgezien van nog een onweersbui ergens halverwege de week.

Zondag zijn we met z’n vieren naar het stadje Durbuy gegaan, waar ik vijf jaar geleden ook al eens met familie was geweest. Toen hebben we er geklommen en geluncht, nu gewandeld en ijs gegeten… en dat was heel erg lekker ijs! Maandag hebben we een kayaktocht van vijftien kilometer gedaan, onder een dusdanig zonnige hemel dat zelfs Petra iets van een bruine kleur kreeg. Woensdag stond een bezoek aan de stad La Roche-en-Ardenne op het programma, waar we een kasteelruïne, ijswinkel en friterie hebben bezocht. Donderdag zijn we nog even naar de rivier gegaan om onze dam af te maken en te kijken hoe passerende kayaks daar vervolgens langs/overheen gingen.

Tussendoor hebben we veel niks gedaan, afgewisseld met een hoop eten, drinken, Muppet Show, Living with Fran, Kolonisten van Catan, Carcassonne, Boonanza, Coloretto, badminton, en nog meer eten en drinken. Het is maar goed dat Galvin net z’n rijbewijs had gehaald, dan hoefde Dianne tenminste niet steeds mee.

En een vakantie zou geen vakantie zijn zonder foto’s, die natuurlijk terug zijn te vinden in mijn fotoalbum.

Vakantie(tje)

De afgelopen dagen ben ik er even lekker tussenuit geweest: een korte vakantie met Rolf en Tom (de zesde keer alweer met z’n drieën) bij het Duitse plaatsje Leiwen, een kilometer of dertig ten noordoosten van Trier aan de zuidelijke oever van de Moesel. We zaten in een luxe zespersoons bungalow in een ruim en mooi onderhouden vakantiepark, en hebben ons uitstekend vermaakt met ons vooral nergens druk over maken en gewoon doen waar we zin in hadden.

Vrijdag: We vertrekken ‘s ochtends met een blauwe lucht en bijna twintig graden. Zo’n vijf uur later en vierhonderd kilometer zuidelijker is het zwaarbewolkt en nog een graad of twaalf. We constateren tot onze vreugde dat we weer een prima lokatie hebben uitgekozen en installeren onszelf en onze spullen in de bungalow. De eerste potjes hartenjagen en rikken worden gelegd, de eerste partijtjes tafeltennis worden gespeeld, en de eerste films worden gekeken.

Zaterdag: De dag begint laat en rustig en met een hoop regen. Het plan was om vanmiddag Trier te bezoeken, maar door de aanhoudende regen wordt dat snel gewijzigd. We doen boodschappen, kaarten nog wat en kijken nog een filmpje, en gaan aan het begin van de avond dan toch naar Trier, waarbij Toms navigatiesysteem (gecombineerd met ons eigen gezonde verstand) wederom erg handig is. De pizza en tiramisu toe smaken voortreffelijk en de club waar we vervolgens heengaan is een uitstekende uitgaanslokatie.

Zondag: De dag begint vroeger dan gisteren, hoewel gisteren een stuk later eindigde dan vrijdag. De regen is weggetrokken, maar niemand heeft echt zin om nog een keer naar Trier te gaan. Na een duik in het zwembad brengen we de rest van de dag door met kaarten, tafeltennis, films, een paar aflveringen van Friends, en een partijtje bowlen. De koekenpan wordt bij het eten koken vakkundig voorzien van een antiaanbaklaag.

Maandag: Alweer de laatste volledige dag, die we natuurlijk ook grotendeels vullen met kaarten, tafeltennis, films en Friends. Ter afwisseling wordt dit keer een potje Kolonisten van Catan gespeeld, lekker buiten in het zonnetje. Echt warm is het nog niet, maar op vakantie ligt de gevoelstemperatuur altijd een paar graden hoger dan normaal. ‘s Avonds ontdekken we dat zoutjes niet alleen lekker zijn, maar dat je er ook een hoop lol mee kan hebben.

Dinsdag: We pakken onze spullen weer in, wassen voor de laatste keer af en laten de bungalow bijzonder netjes achter. De terugreis verloopt voorspoedig en even voor drie uur rijden we bij mij de straat in. De vakantie is helaas weer voorbij. Rolf, Tom, bedankt voor een paar ontzettend leuke dagen!